Op naar deel twee

Het is alweer een aantal dagen geleden dat ik wat heb geschreven. Afgelopen dagen heb ik er geen avond tijd voor gehad – elke dag was er wel iemand om mee te praten en een biertje of een wijntje te drinken.

Goed, even wat dagen terug. In Plonjeshausen heb ik ‘s avonds nog een korte wandeling gemaakt. Toen viel me een fietswegwijzer op; daar stond de North Sea Cycle Route op. Ik kan me toch echt niet meer herinneren dat ik zo ver Duitsland in ben gefietst toen. Ik verwacht dat het de oversteek met een pont is die ik toen niet heb gedaan omdat ik er op een dag zou zijn waarop deze niet voer.

De volgende dag ben ik via de route naar Guderhandviertel gefietst. Een erg lange naam voor een minuscuul gehucht met een leuke boerencamping. Een groot gedeelte van de route ben ik langs de Elbe gefietst, en eigenlijk zou ik veel te vroeg op de camping aankomen. De volgende camping was echter 55 kilometer verderop; dat zou weer erg veel worden. Ik heb dat ‘opgelost’ door een extra rondje te fietsen en wat geocaches te gaan zoeken. Het meerendeel daarvan heb ik ook nog eens gevonden.

‘s Avonds heb ik een rode curry met paprika, ui, champignons (die nog over waren van de vorige dag) en salami gemaakt. Hij was erg pittig en erg vloeibaar. Ik denk dat rijst dat wat beter had opgevangen dan eiermie, maar desondanks smaakte het prima en had ik weer een goede basis om op vrijdag naar Luneburg te fietsen.

Dat zou een route van bijna 100 kilometer worden. Ik heb weliswaar iets afgesneden, maar op een of andere manier ben ik ruim tien kilometer korter onderweg geweest dan de beschrijving aangaf. Veel hiervan was door het bos over paden die ervoor zorgden dat ik de imbussleutel bij de hand hield om losgetrilde onderdelen weer vast te draaien.

Op de camping in Deutch Evern, net onder Luneburg ontmoette ik een Duitser die ‘s avonds nog een lekkere worst op de barbecue heeft gegrild. Hij was nu aan het kamperen met een tent, maar heeft ook nog een groot jacht, en een motorboot, en een groot huis. En hij is pas 23. O ja, en zijn ouders maken die jachten – daar zal het wel vandaan komen. Vrijdag heb ik mijn tent een keertje een dag laten staan en ben ik Luneburg gaan bezoeken.

Het laatste stuk van de route van het eerste boekje gaat naar Lubeck, waar ik twee dagen over heb gedaan. Het waren ook de eerste dagen waarop wat geklommen werd, en de eerste keer dat ik na het zien van een pad waar de route overheen ging toch maar het asfaltalternatief genomen had. Een pad van mul zand dat steil omhoog gaat is iets te veel voor het goede. Na een nacht aan een meer, waar ik een Duitser ontmoette waar ik een aantal (best grote) bekers rose heb gedronken kon ik vol goede moed – en met nog wat alcohol in mijn hoofd – naar Lubeck fietsen. Dit was misschien nog wel het mooiste traject tot nu toe, grotendeels langs de oevers van de grote meren en door het bos.

Aan het begin van de middag kwam ik in de stad aan, waar een cultureel festival bezig bleek te zijn. Dat was erg gezellig en leuk om te zien, vooral de marktjes in oude stijl, met bijbehorende klederdracht. Op de camping kwam ik zowaar de Belgen weer tegen. Zij nemen maandag de boot naar Denemarken, ik ga zelf het voormalige Oost-Duitsland in.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *