22-06-2024: Fjällstuga Skedbro (Rogen dag 2)

We worden wakker met de zon op de tent. Ook al lagen we er vroeg in, Marc heeft liggen draaien en ik kon de slaap niet vatten. Ik had de dag niet van me afgeschreven dus dat is nu de luxe die ik mezelf permitteer.

Als ik de slaapzakken, matjes en kussens heb ingepakt, heeft Marc het ontbijt klaar. Er zit een behoorlijke klap suiker in, dus vandaar dat het er goed in gaat. We ruimen onze spullen op en stappen weer in de boot.

We varen steeds een stuk en moeten dan zo’n 100 meter de boot overdragen. Dat gaat meestal prima. We lopen de spullen over om het pad te verkennen. Daarna sjouwen we de boot. Bij de tweede oversteek lunchen we. Zweedse cup-a-soup, roggebrood dat een week houdbaar is met smeerkaas uit een tube. Ondertussen zie ik een stern (?) het water Induiken voor zijn lunch. We zitten bij een beek tussen twee meren te lunchen. Bij de ingang van de beek zwemmen veel jonge vissen en al snel verschijnt daar een zwemmende jager, een snoek.

Na de lunch moeten we nog twee keer de boot dragen. De laatste keer is het terrein zo ruig, dat we de boot leeg laten lopen. Aan de andere kant komen we twee vissende Zweden tegen met enorme rugzakken en een aluminium kayak. Het lijkt me maar vreselijk zwaar, die boot en zoveel spullen.

Aan het einde van de dag varen we een groot meer over. Er staat op mijn kaart een hut ingetekend, maar daar blijken Sami te wonen. Ze wijzen ons een eilandje aan, maar dat is te veel struiken en te veel rots. We moeten doorvaren tot een hut van SFT. Bij de aanlegplaats trekken we eerst droge kleren aan. We willen haast de tent daar opzetten, maar de grond is heel zompig, dat zouden we niet droog houden. We moeten nog 500 meter over rotsig terrein naar de hut. We pakken alleen het hoognodige in en laten de zwemvesten, de boot, de pomp en de tas met eten liggen. Wel alles zo vastgemaakt dat het niet weg kan waaien. We zijn koud en hongerig. Ik maak me zorgen over Marc want die heeft vandaag te weinig gegeten. Ik loop met een grote drybag met schouderband voor hem uit, om de weg te wijzen en om aanwijzingen te geven waar Marc stevig staat. Ondertussen zit ik zelf ook in de overlevingsmodus. Als ik Marc en mezelf maar veilig aan de andere kant krijgt. Marc heeft een lichte maar onhandige rugzak met de rest van de spullen. Met een slakkengang naderen we de hut.

Bij de hut zetten we eerst de tent op. In het keukentje van de hut ontmoeten we een Zweeds stel met hond. Hij en hond gaan The green line, een route van hier 85 dagen lopen naar het noorden van Zweden. Zij loopt de eerste paar dagen mee.

De hut is onbemand want hij is nog dicht. Je kunt er in, er is water (zelf uit het meer halen) en gas, maar verder niks. Wij vinden het een luxe. Dus na het eten zetten we thee, eten we chocolade, zit Marc een boek te lezen en schrijf ik de dag van me af. Met het laatste beetje bereik bekijken we het weerbericht. Het gaat morgen flink waaien vanuit het zuiden. Op een groot meer aan lagerwal varen vinden we geen goed idee, dus we gaan morgen dezelfde weg terug. Na het eten en de “afwas” duiken we de tent in.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *