Dag 14
Gisteravond, toen we naar ons verblijf wandelden, zagen we onweer vanaf zee aankomen. Eenmaal bij het hostel hebben we de was meteen binnengehaald, want droog zou het niet worden. Dus trokken we vanochtend onze natte kleding aan.
De dame uit Seattle wilde graag onze fietsen op de foto zetten als idee voor thuis, dus stonden we vlak voor vertrek uitgebreid te poseren. Ze wilde ook nog weten waarom ik de Camino loop, omdat ik dat gisteren ook aan haar had gevraagd. Nou, omdat het leuk is om mensen uit allerlei culturen tegen te komen, met wie je soms diepgaande gesprekken hebt maar nooit meer tegen komt of niet eens weet hoe ze heten. Zoals met deze dame uit Seattle bijvoorbeeld. En omdat het leuk is om mensen tegen te komen die hetzelfde doel hebben als jij, namelijk in Santiago de Compostela terechtkomen.
We nemen afscheid en gaan op pad. In Esposende gaan we ontbijten. Ik krijg de heerlijkste cappuccino geserveerd die ik in Portugal tot nu toe gedronken heb. Meestal is het koffie met melk of oplos-cappuccino. Yuk. En niet dat ze niet de juiste apparatuur hebben, vaak zie je in koffietentjes van die hele ingewikkelde apparaten staan. Van een afstand kan ik vaak al zien dat de melkopschuimer haast nooit wordt gebruikt. Dan liever thee. Maar hier konden ze het!
We pakken onze fietsen weer en ik word opgeschrikt door gedonder. Alweer onweer? Nee, er komt een optocht aan door de straten. Waarschijnlijk ging het over kanker. Voorop liepen mensen met een spandoek, daarachter de drumband met doedelzakken. Daarachter mensen die met een doek liepen. Daarachter liepen bikers van motorclubs uit de omgeving en tot slot mensen op hele oude fietsen. Leuk om hier even naar te kijken.
De dag loopt redelijk voorspoedig. We rijden over verschillende soorten wegdek. Op een fietspad door de duinen zie ik links de duinen en rechts naaldbomen. Bijna net als thuis. Onderweg letten we even niet op en belanden we op een bospad met rotsen. We sjouwen onze fietsen over het pad. We worden voorbij gelopen door een buslading Aussies. Ze grinniken om ons en wij grappen vrolijk mee. Op het asfalt gaan we heerlijk naar beneden en genieten we van de vaart die we nu hebben.
Na de lunch rijden we over een prachtig kustpad. De kust is ruw en redelijk hoge golven slaan op de rotsen. Bij een fort schil ik twee appels terwijl Marc een cache zoekt. Er loopt een wandelaar voorbij die ons aanspreekt. Het blijkt een dame uit Brussel. We kletsen over van alles en nog wat. We complimenteren elkaar over de weinige bagage die we mee dragen. Zij heeft maar 6 kilo mee! In tegenstelling tot een hoop wandelaars die letterlijk gebukt gaan onder hun 60 liter rugzak.
In Vila Praia de Ãncora komen we in een optocht terecht. Later lezen we op internet een “Etnografische processie van het feest van Nossa Senhora da Bonança met als thema Traditionele smaken en arbeid”. Veel verklede mensen in de optocht dus, met wagens en trakteren. Op straat zag het zwart van de mensen die op het fietspad op de optocht stonden te wachten en die wij over de weg voorbij reden. Daarna kwam er nog een braderie, een kermis en een circustent. Oja, het is weekend!
We rijden 5 km van de route af om naar een pelgrimshostel te rijden die goed staat aangeschreven. We worden ontvangen door een zeer vriendelijke en behulpzame Franse dame. Op het balkon rusten we uit en eten we nog wat. We zijn moe van de rit vandaag. Het balkon kijkt uit over de heuvels van Galicië. Morgen gaan we met de boot naar Spanje! En het is nog niet eens december!














