Dag 13
Wat is Porto toch een leuke stad! Toch is het tijd om te gaan. We fietsen eerst door het centrum, daarna door buitenwijken en vervolgens door de agglomeraties. Het fietsen gaat gemakkelijk, in het begin hebben we veel fietspaden. Meestal tel ik elke dag de wandelaars, maar we waren Porto nog niet uit of ik ben daarmee gestopt. Wat ontzettend veel wandelaars!
Onderweg heb ik een paar keer materiaalpech. Door het gestuiter over de kasseien mis ik wat schroefjes hier en daar en mijn tas is kapot getrild. Maar tie wraps en ductape bieden uitkomst.
‘s Middags rijden we over eindeloze vlonderpaden. Een stuk hiervan is door de zee weggeslagen en een ander deel is meer stuk dan heel met grote gaten in het wegdek. Deze stukken ploeteren we met de fiets door het zand. Toch vinden we het leuk om over de vlonders te rijden. Tegen het einde worden de vlonders zo smal dat we wandelaars in de weg zitten.
In het hostel worden we hartelijk ontvangen door Luiz. In zijn kelder staan 7 bedden en hij heeft nog een paar aparte kamers. Hij zit al weken compleet volgeboekt. Het is net iets te druk, zegt hij. Maar wel een leuk inkomen. En gelukkig heeft hij hulp van de Argentijnse Marina, die hem helpt met het runnen van het hostel.
Na een koud drankje spring ik meteen onder de douche, om drie lagen factor 50 van me af te spoelen. Wat was het warm vandaag!
Als we na het eten terug in het hostel zijn, raken we aan de praat met een moeder en dochter uit Seattle. Mijn ogen vallen bijna dicht dus ik ga in bed liggen. Niet lang daarna gaat het licht in de slaapzaal uit.










