Categoriearchief: Nieuw Zeeland en Australië 2004 / 2005

12 december – dag 10

Vandaag is een echte reisdag met een tussenstop in Christchurch. Om 12 uur bereiken we de stad en we gaan hem eventjes verkennen. Samen met Peter, Robert en Ronald gaan we eerst in een diner wat eten, waarna we naar de stadstuinen gaan. Al snel besluiten we dat we de stad toch het beste kunnen zien vanaf een terrasje met een lekker glas bier.

Als we weer teruglopen naar de bus ontmoeten we Alma, de vriendin van Henk. Ze is vandaag aangekomen is in Nieuw Zeeland en reist de komende tijd mee. Het begint weer te regenen als we wegrijden, maar zolang het alleen regent als we in de auto zitten is het niet zo erg. We rijden naar Peel Forest, waar we morgen gaan raften. Het raftingbedrijf heeft een hostel, waar we overnachten. Het hostel staat in een omgeving waar je helemaal niemand ziet, ver buiten de bewoonde wereld. Het is wel een enorm mooie omgeving.

We hangen wat rond en gaan uiteindelijk monopoly spelen. Rond 12 uur is het spel nog steeds niet afgelopen, er zijn dan nog twee teams in het spel. We besluiten maar dat en geen winnaar is en ruimen het spel op.

13 december – dag 11

Rond 9 uur sta ik op. Voordat we gaan brunchen lopen we even rond het hostel. Na het eten krijgen we wetsuits aan en stappen we in de bus van Rangitata rafting: Vandaag gaan we raften! Voor mij is dat van te voren al een van de hoogtepunten van de vakantie.

Ik zit samen met Robert, Ronald, een Australische en twee Amerikanen in de raft. Het is een tocht met verschillende gradaties stroomversnellingen, waarvan 2 met een klasse 5 van 6. Dat is het hoogste wat voor niet-professionele rafters mogelijk is.

Het is echt een geweldige tocht. Onderweg stoppen we nog om van een klif af te springen en een stuk te zwemmen, wat iedereen doet. Later hebben we mogelijkheid om dat nog van een hogere klif te doen, maar dat sla ik over. We gaan ook nog met de raft surfen tegen de golven in. De instructeur is erg enthousiast en geestig, wat het nog veel leuker maakt. Van de rafttochten die ik tot nu toe heb gedaan is dit toch zeker de leukste en de beste.

Na de tocht hebben we een lekker worstjesbarbecue en brood met salade en vertrekken we naar de volgende camping. Zoals gewoonlijk rijden we weer in de stromende regen. Gelukkig is het droog als we op de camping aankomen. ‘s Avonds willen we nog even stappen in het bruisende dorp Lake Tekapo, maar alles blijkt om half 11 al dicht te gaan. Na een wandeling onder de heldere hemel vol sterren, kletsen we op de camping maar even wat na.

14 december – dag 12

Voor vandaag staat er niets op het programma. Sommigen gaan een dagtocht lopen, de rest, waaronder ik, maken een wandeling van een uurtje of drie bij Lake Tekapo. Natuurlijk is het hier ook weer een fantastische omgeving. De uitzichten over het meer en de Zuidelijke Alpen zijn heel mooi.

Na de wandeling gaan we het dorp in om te lunchen. Ik neem fish-and-chips. Jammer genoeg is het lekkerbekje enorm vet. Terug op de camping hebben we een discussie over de temperatuur van het meer. Uiteindelijk besluiten we dat we het alleen zeker weten als we erin springen. Zodoende kan ik uit ervaring zeggen dat het meer koud is. Erg koud.

’s Avonds gaan we nog een keertje naar de enige bar van het dorp. We gaan er nu wat vroeger heen, zodat we niet na het eerste biertje weer weg moeten omdat hij sluit.

15 december – dag 13

Vandaag pakken we de tenten in om richting Mount Cook national park te gaan. Als het weer goed is, wat het daar bijna nooit is, gaan we daar twee dagtochten maken. Vandaag is het een mooie droge dag, maar bij het informatiecentrum zeggen ze dat het vanavond en morgen slecht wordt. We besluiten dan maar één tocht te maken en daarna door te reizen naar Wanaka.

‘s Middags gaan we even brood om mee te nemen smeren, waarna we naar het beginpunt rijden. Daar gaan we over een rotspad redelijk vlak naar de Tasman Glacier. Het laatste stuk van de gletsjer is bijna horizontaal, maar zie je niet goed omdat hij helemaal onder de stenen ligt. Vanaf de gletsjer loopt de helft door naar een punt waar je uitzicht hebt op Mount Cook, maar daarvoor moet je een steile wand vol grind af (en dus later ook weer op).

Dat heb ik er niet voor over en met mij Peter en Michel ook niet. Wij blijven dus bovenaan de wand wachten en kijken toe hoe de anderen met moeite de wand nemen. Na zo’n 40 minuten lopen we terug over dezelfde weg. Dezelfde saaie, eindeloze en geestdodende weg. Bij elke bocht hopen we de parkeerplaats te zien, die maar niet komt.

Uiteindelijk komen we er dan toch en kunnen we nog een wandelingetje van zo’n half uur maken naar de Blue Lakes. Ach, waarom ook niet, ik ben er nu toch. Samen met Michel loop ik ernaar toe via rotsen, stuiken met doorns en verdwenen paden. Het was wel een leuke wandeling, alleen hadden ze het beter: “Two green lakes, two empty lakes and one blue lake” kunnen noemen. Ondertussen is het de hele dag droog en redelijk zonnig gebleven.

Op de terugweg gaan we in een bistrootje wat eten. Op weg naar de camping in Wanaka regent het natuurlijk weer en “zingen” we mee met foute liedjes uit 1993. Nadat we de tenten op hebben gezet ga ik douchen. Als ik weer terug loop naar de tent is het donker geworden. Het blijkt dat er deze camping geen verlichting is en ik heb geen zaklamp meegenomen. Op de tast kan ik de tent terugvinden. Helaas heb ik een scheerlijn over het hoofd gezien. Na een halve salto blijkt mijn toilettas 2 tenten verderop geland te zijn.

16 december – dag 14

Het is droog, maar de tenten zijn nog een beetje klam van de regen van gisteren. Vandaag gaan we drie uur lopen, maar daarvoor moeten we eerst een uurtje rijden. De weg is onverhard en bevat een aantal ‘fords’, plekken waar beekjes over de weg lopen.

Ik begin aan de wandeling met het idee dat ik terugga wanneer het niet soepel gaat. Gisteren heb ik namelijk met de val mijn knie aardig belast. Al na het eerste kleine klimmetje besluit ik terug te gaan naar de bus, waar Henk ook nog is. Hij heeft namelijk ook problemen met zijn knieën.

Het verslag van deze wandeling is door Wouter geschreven:
“Wij starten aan een stevige klim door een bosgebied. Na anderhalf uur lopen zien we een we zien een hele hoge waterval en een prachtige berg en de gletsjer. Onder het genot van een paar kleine lawines eten we onze laatste stukjes chocolade op.

Terwijl we door het bos lopen schijnt de zon, maar het is niet echt warm; slechts een graad of 14. Het is heerlijk weer om af te dalen door de jungle. Om de één of andere reden duurt het afdalen net zo lang als de klim. Het is een fantastisch mooie wandeling.”

Wanneer de anderen weer bij de bus terugkomen rijden we terug naar de camping. Er staan veel schapen op de weg, die pas op het allerlaatste moment aan de kant gaan. Zeker de lammetjes hebben het idee de auto recht aan te staren en te gaan blaten de beste manier is om ons te laten stoppen.

Op de slechte weg begint de bus steeds meer te rammelen en te trillen. Opeens roept Robert: “Stop! We missen een wiel!”. Gelukkig blijkt het missende wiel het reservewiel te zijn, wat ondertussen een aardig stuk achter de bus ligt. Waarschijnlijk is ook een schokbreker kapot gegaan, want wanneer we weer verder rijden trilt en rammelt de bus nog veel harder.

’s Avonds gaan in Wanaka wat drinken. We komen in een bar waar een live muziek gespeeld wordt. Helaas is de band zo slecht dat de meeste nummers niet te herkennen zijn.

17 december – dag 15

Vandaag staat er een wandeling naar Mount Roy op het programma. Eigenlijk zouden we ‘s ochtends al naar Queenstown gaan, maar omdat het mooi weer is en iedereen eigenlijk nog wel wil lopen gaan we pas ‘s middags naar Queenstown toe.

Nadat ik gisteren de hike niet gedaan heb om mijn knieën wat rust te geven, is dit een wandeling die ik moet en zal doen, ook al weet ik van te voren hoe hij zal zijn: Op de heenweg een klim van een kilometer, op de terugweg dus ook weer een kilometer dalen.

Buiten alle verwachtingen gaat het echt lekker. Ik heb er de vaart in, loop lekker door en geniet van het fantastische uitzicht over Lake Wanaka. In zo’n 2½ uur ben ik al op de top van Mount Roy. Na een lunch met Michel, Bernhard en Robert, waarbij Michel het briljante idee heeft een potje te kaarten, gaan we weer naar beneden. Je zou vanaf de top zou je ook nog door kunnen lopen naar Mount Alfa, maar iedereen die op dat moment op de top is besluit weer terug te lopen. Daar ben ik echt niet op tegen.

Naar beneden is zwaar, maar gaat ook lekker. Bijna bij het eind belt Robert Henk op, zodat hij ons kan oppikken op de parkeerplaats. We hebben echt geen puf meer om naar het dorp te lopen, dus we gaan lekker met de auto. Daar aangekomen neem ik een gigantische omelet en een milkshake, waarna we in de bus stappen om naar Queenstown te gaan. Onderweg regent het natuurlijk weer en ook in Queenstown regent het waardoor het paragliden niet doorgaat.

‘s Avonds gaan we bij de Lonestar eten en neem ik lamsboutjes. Wel zielig trouwens, er moet nu een lam lopen met maar één poot; ik had de andere drie. Daarna gaan we stappen.

18 december – dag 16

’s Ochtends neem ik een ‘full breakfast’ in een tentje Queenstown, waarna ik in een internetcafé het reisverslag bijwerk. ’s Middags gaan we paardrijden, en ik heb daar geen zin in. Toch wil ik het wel gaan doen, misschien dat het achteraf best wel een leuke activiteit is.

Als we bij de manege zijn wordt iedereen op zijn paard geholpen. Het paard wat ik krijg loopt nog los rond. Mijn hart bonkt enorm als ik het paard bestijg. Wat is zo’n beest enorm groot. We rijden door een mooi landschap, waar Lord of the Rings is opgenomen. Na een kwartiertje durf ik een beetje van het landschap te genieten, wat snel weer stopt als we in draf verder gaan.

We steken een aantal keer de rivier over waar Frodo in het eerste deel van Lord of the Rings overheen vaart. Niet dat me dat echt veel kan interesseren, ik hoop alleen dat we snel weer bij de manege zijn. Wanneer we daar aankomen kom ik zo snel mogelijk van het paard af en neem ik me voor nooit meer te gaan paardrijden.

‘s Avonds gaan we nog even naar de bioscoop. We kijken de film ‘Bridget Jones 2’. In de kroeg drink ik de herinneringen aan vandaag weg. Uiteindelijk gaan we naar de discotheek ‘The Altitude’.

19 december – dag 17

Vandaag gaan sommigen skydiven, bungeejumpen en canyonswingen, maar Michel, Wouter en ik doen daar niets van, onze dag komt morgen. Na lekker uitgeslapen te hebben, in een tent zo heet als een sauna wakker geworden te zijn, de was in de machine gestopt te hebben en gewassen te hebben terwijl je er achter komt dat je handdoek in de wasmachine zit, gaan we het dorp in om een broodje te eten en wat rond te hangen.

‘s Middags hebben we de gondelbaan genomen naar een mooi uitzichtpunt over Queenstown. Terug op de camping horen we dat het paragliden weer niet door gaat. Gelukkig hebben we een alternatief gevonden dat nog spannender is: Midgetgolf! Het blijkt een hele leuke indoor baan te zijn.

Na een paar potjes poolen in de kroeg is het al vroeg bedtijd: Morgen gaat de wekker om half vijf.

20 december – dag 18

Het was vannacht ijskoud, want de lucht was helemaal helder. Als we opstaan wordt Wouter gebeld. Het is het telefoontje waar we op wachten. Na een kort gesprek roept Wouter: “Het gaat door!”.

Michel, Wouter en ik gaan de lucht in met een heteluchtballon. Nadat de ballon gevuld is met lucht en iedereen in de mand is gestapt stijgen we in het donker op. Het is nog steeds heel erg koud. Maar dat verandert snel, want vanuit de ballon zien we de zon opkomen. Dat is echt heel erg mooi om te zien. We varen een uurtje door op de wind. Doordat de ballon net zo hard gaat als de wind lijkt het windstil te zijn. Behalve de branders hoor je helemaal niets. Dit is pas genieten.

Na een mislukte poging om te landen doordat de wind is gaan liggen en we boven een hek hangen, landen we 20 minuten later midden in een weiland tussen de koeien, die ons allemaal aan het aanstaren zijn. Na het opruimen van de ballon hebben we een champagneontbijt in het weiland.

Als we weer bij de camping zijn gaan we meteen weer op weg voor de volgende activiteit: paragliden. Ik doe een tandemsprong met een instructeur. Het enige dat ik hoef te doen is zo hard mogelijk naar een afgrond rennen en te hopen dat we voordat we naar beneden storten al in de lucht hangen. Natuurlijk gaat dat goed. Ik hang ruim tien minuten in de lucht, waar we een aantal stunts uithalen. Het uitzicht en het gevoel zijn weer geweldig, je voelt je zo vrij in de lucht. Dit was weer een enorm geslaagde ervaring.

Maar… de dag is nog steeds niet voorbij. Sterker nog, het is nog niet eens middag. Dus, wanneer we weer op de camping aankomen hebben de anderen de tenten alvast voor ons ingepakt. We rijden naar een canyon toe voor de volgende activiteit. We gaan met en Shotover Jet de canyon in. De boot vaart met 85 kilometer per uur vlak langs rotsen, maakt spins en vaart recht op bomen af die op het allerlaatste moment ontwijkt worden. Ook dit is weer een geweldige activiteit en een echte adrenalinerush.

Tenslotte rijden we naar Te Anau (uit te spreken als Tiano), waar we instructies krijgen voor de tweedaagse zeekajaktocht waar we morgen aan beginnen.

21 december – dag 19

Net als gisteren staan we weer vroeg op, het is maar een half uurtje later en een graadje of 10 warmer. Vandaag beginnen we aan de tweedaagse kajaktocht door Doubtful Sound in Fiordland National Park. Met een busje, een boot, en weer een busje komen we op het beginpunt aan waar we wetsuits aantrekken.

Dan stappen we in de tweepersoons kajaks. Wouter en ik delen een kajak. Ik zit voorin en Wouter is de stuurman en zit dus achterin. Het grote voordeel voor hem is dat hij kan stoppen met peddelen zonder dat ik het zie, wat hij regelmatig doet.

De omgeving is prachtig! Granieten wanden, helder water, groene bomen en planten en veel watervallen. En heel veel zandvliegjes. Die zijn niet prachtig, maar veroorzaken veel jeuk, zeker als je, zoals blijkt, de verkeerde anti-insectenspray hebt.

‘s Middags meren we aan bij een strandje om te lunchen. We eten Fantastic Noodles. Gezien de naam moeten die nog beter zijn dan Unox Good Noodles, wat niet veel goeds belooft voor de laatstgenoemde. Als we weer op het water zitten proberen we te zeilen. Helaas gaat direct nadat we het zeil aan de peddels hebben geknoopt de wind liggen. Gelukkig stopt ook met regenen, al heb ik niet veel last van de regen gehad. We kajakken nog wat door en zien zelfs nog een blauwe pinguïn zwemmen.

Tenslotte stoppen we om midden in het regenwoud tenten op te zetten. Na een bord wokkelpasta met tomatensaus en corned beef met een mok rode wijn gaan we slapen.